
◄ index ◄ Een voorwoord van de modelbouwer - blad 1 BLAD 2 blad 3 - De ringmuur en de poer ►
De Amsterdamse paalfundering.
Heien voor paltrokmolen Het Amsterdamsche wapen
De bouwtekening in het Groot Volkomen Moolenboek toont een kolossale ringmuur onder Het Amsterdamsche Wapen, waarvan maar een klein gedeelte boven het maaiveld steekt. Die ringmuur, en ook de koningspoer in het centrum, werden opgemetseld op een houten vloeren. Deze houten vloeren vormden de afsluiting van een gedegen onderheiing met houten palen. De palen en de houten vloeren moesten onder het grondwaterpeil worden aangelegd om paalrot te voorkomen. Als eerste werd er een stevige damwand aangelegd rond de bouwput eer er een werkbare heigrond kon ontstaan.
Het grondgebied van Amsterdam werd gevormd door zeeklei en veen. In de dertiende eeuw constateerden de eerste huizenbouwers al hoe drassig de grond was. Na een constructie van bouwvlotten, een soort houtvlot waar op gebouwd werd, kwam men na vele verbeteringen te hebben aangebracht tot de eerste vorm van heien.
Omstreeks 1650 was de Amsterdamse heimethode allang gemeengoed. Ook langs de Kostverlorenvaart werden de nodige heipalen op handkracht de grond in gewerkt voor de bouw van de vele molens.
Beginnen aan de basis.
Om aan te tonen dat het Amsterdamsche Wapen niet op het maaiveld begint, maar meters dieper in de grond heb ik besloten om ook een heistelling te bouwen die gebruikt werd om de palen voor de paltrokmolen in de grond te krijgen. De grondplaat van het uiteindelijke schaalmodel werd tijdelijk ingericht als heigrond met de heiers in actie. De oude foto's maken duidelijk dat er vooral met 'ellenbogenstoom gewerkt werd.

De heigrond voor Het Amsterdamsche Wapen.

De heiploeg is bezig om de eerste palen op hoogte te brengen.
De heibaas ruimt de koppen op. De kespen worden met houten nagels op de paalkoppen genageld. De vloerplaten liggen ook al klaar. De heipalen voor de poer zijn al geplaatst. De zwaarste palen op de hoeken en verder is het vak opgevuld met dunnere palen. Uiteindelijk worden er twee kruislings gelegde platen op vastgezet. Daarna kan het metselen van de poer beginnen.

Een doorsnede van twee paalfunderingen: de Rotterdamse- en de Amsterdamse methode.

Tegenwoordig zijn heipalen van beton. De houten palen van vroeger waren gladgeschilde dennen of sparren.
Er bestonden diverse maten palen met allemaal eigen namen. Op deze onderstaande link van Joost De Vree kun je alles over het heien nalezen.
fundering: een stukje geschiedenis ►

Op de foto hierboven is een heiploeg druk bezig om een paal de grond in te heien. Ze hebben blijkbaar alleen interesse in de fotograaf die deze plaat rond 1900 schoot. De heistelling staat rechtsboven net nog in beeld. Een heiploeg bestond uit een man of 10 of wel meer. De heimethode zal niet veel verschillen met 250 jaar eerder. Een groep gespierde mannen trokken gelijktijdig met een lange slag het loodzware heiblok tussen de geleiders omhoog en lieten hun touw allemaal tegelijk los of vieren. Om te zorgen dat het moment van trekken en loslaten zo gelijk mogelijk verliep werden er hei liederen gezongen die een vast ritme kende. In de loop der tijd werden deze versjes behoorlijk schunnig.

Nederland waterland: een heiploeg laat de touwen vieren voor de volgende klap.

De bouwput voor een nieuw huis. De heiploeg trekt eensgezind de touwen naar beneden en het heiblok omhoog.
◄index ◄ voorwoord - blad 1 ▲top BLAD 2 door naar blad 3 - het metselen van de ringmuur en de poer ►
Bijgewerkt: 10-12-2015 /amsterdamblad02.html